Werkvormen voor bewegend leren

 

Wat ik vaak om me heen hoor, is dat mensen wel graag bewegend leren willen inzetten, maar de inspiratie missen om dit vorm te geven.

Er wordt dan gevraagd naar workshops, cursussen, trainingen en literatuur. Dat is natuurlijk allemaal leuk, maar misschien wel een beetje zonde van het geld dat je óók had kunnen gebruiken voor het aanschaffen van fijne materialen die het bewegend leren vorm kunnen geven.

 

Dit blog heb ik geschreven om jullie te inspireren en van ideeën te voorzien, maar dan gratis!!

Allereerst er is al héél veel gratis te vinden (en serieus, denk je dat je unieke ideeën gaat vinden in een workshop of boekje?!). Waar zou die inspiratie vandaan komen?

Goede ideeën, waar ook vandaan, komen uiteindelijk toch altijd terecht op het internet!

Hier een paar basistips:

  • Volg op Instagram profielen die veel werken met bewegend leren. (Heb je nog geen Instagram, maak het aan! Al is het alleen maar om inspiratie op te doen.) Deze zijn eenvoudig te vinden door te zoeken op #bewegendleren. Ook op ons eigen profiel @powerspel.nl delen we vaak ideeën en tips!

  • Facebook heeft onderwijsgroepen zoals ‘Bewegend Leren Oefeningen’ waar veel ideeën gedeeld worden. Soms is het zien van een idee, een inspiratie om nieuw idee te bedenken.

  • Laat je inspireren door wat of hoe je de kinderen wilt laten leren. Misschien vind je het in het begin lastig, maar naar mate je meer ervaring krijgt met bewegend leren, word je er vanzelf handiger in. Je zal zien dat ook het bedenken van ‘nieuwe’ vormen steeds gemakkelijker wordt.

 

Grofweg hanteer ik een aantal categorieën, waar ik steeds allerlei varianten op bedenk (al dan niet in combinatie met elkaar);

1.    Estafette

2.    Renspel

3.    Tikspel

4.    Verzamelspel

5.    Doelspel

6.    Balspel 

7.    Springspel

8.    Parcours

1. Estafette

Verdeel de groep in een x-aantal groepjes. Elk groepje staat bij een startpunt. Alle spelers leggen, om de beurt, eenzelfde route af*

Aan het einde van de route moeten ze iets pakken, opschrijven, mikken, veroveren, verzamelen, tactisch kiezen, onthouden, enz. dat met de cognitieve activiteit te maken heeft. De eerste speler komt terug via een afgesproken route en tikt de volgende speler aan. Welk groepje is als eerste klaar.


* Ook in de route kan je variëren; laat kinderen samenwerken, een parcours afleggen, stuiteren met een bal, touwtje springen, zak lopen, hinkelen, huppelen, koprollen, rollen, kikkersprongen, enz. Weet hierbij dat het kruisen van de middellijn een positief effect geeft op de samenwerking van de hersenen wat bijdraagt aan het beter en langer onthouden van de leerstof.

2. Renspel

Dit lijkt misschien in eerste instantie veel op de estafette, maar toch is er wel degelijk een verschil. Denk hierbij bijvoorbeeld aan spellen als een Zweeds-loopspel, Ren-je-rot, of een lopend dictee. Laat de kinderen rennen naar een blad / opdracht / kaartje / vak lopen om op die manier een vraag te beantwoorden. Powerspel heeft een reeks matten die bijzonder geschikt zijn om hierbij in te zetten. Denk dan bijvoorbeeld aan de meerkeuze mat, de tafelmat, maar ook de getallenlijnen lenen zich hier erg goed voor.

Tafels oefenen met bewegend leren op de leermat tafels langwerpig. Spreek een tafel af en roep een getal. Het kind / de kinderen lopen naar de juiste plek op de mat en zeggen de hele som met antwoord.
Bewegend leren met de leermat meerkeuze vragen oefenen. Een mooi, actieve manier om de cito vraagstijl / multiplechoicevragen bewegend en spelend te oefenen.
Bewegend leren renspel met de getallenlijn tot 100. Ren naar het getal, ren naar de uitkomst, ren naar .... Door gebruik te maken van de leermat hoef je maar weinig klaar te leggen. Zowel binnen als buiten te gebruiken.

3. tikspel

Tikkertje spelen en nog leren ook! Ik houd hiervan! Moeilijk? Nee, super eenvoudig! Zelf werk ik hierbij altijd met hesjes waar ik een goed plakkend, transparant zakje op gemaakt heb (meer hierover lees je in het blog ‘Bewegend leren – zonder bruine boterham met kaas’). In de zakjes krijgen de kinderen kaartjes. 

Op de kaartjes kunnen: 

- breuken (breuk-kommagetal-procent óf breuken om samen 1 te maken, óf breuken die even groot zijn zoals 2/3 en 4/6), 

- sommen tot 20 / 100 / …., 

- (deel)tafels (sommen met dezelfde uitkomst verzamelen, een getal roepen waarvan de uitkomst gelijk moet zijn aan de som in het zakje), 

- spreekwoorden (spreekwoord-betekenis), 

- woordenschat (woord-betekenis), 

- topografie (provincie-provinciehoofdstad-stad) of 

- meerdere spellingscategorieën (categorie-woord met die categorie zoals ei en geit) staan. 

De mogelijkheden zijn eigenlijk eindeloos. Uiteraard moet je een beetje kaderen in de vraag- en antwoordmogelijkheden om de spanning erin te houden. De groepsgrootte is bepalend voor het aantal vraag- en antwoordmogelijkheden; meer kinderen betekent meer vraag- en antwoordmogelijkheden. 

Bewegend leren tikspel - door de kaartjes die kinderen in het transparante zakje op een hesje dragen, mogen zij elkaar tikken. Hiervoor moeten zij snel de stof weten te verwerken. Bewegend en spelend leren werkvorm ter inspiratie of idee.

4. verzamelspel

Hang kaartjes op aan een waslijn / leg kaartjes neer aan het einde van een parcours / verstop plastic eieren op het plein / plak post-its op. Allerlei manieren om verzamelspellen vorm te geven. Geef kinderen een opdracht mee wat ze moeten verzamelen. Wanneer je verschillende kinderen, verschillende opdrachten geeft, wordt het spel extra spannend. Ook bij deze spelvorm kunnen de hesjes, met het transparante zakje erop, uitkomst bieden. Kinderen kunnen dan eenvoudig de verzamelde kaartjes in het zakje bewaren.

Je kunt de kinderen ook voorwerpen laten verzamelen. Dit kan op kenmerk (rond, rood, scherp, enz), maar ook met woordenschat (zowel nederlands als engels), rekenen (zoek een tafel bijv 2x5 --> 2 handschoenen of

68-44= 24 blokjes, potloden, steentjes, takjes enz).

Bewegend leren procenten in de werkvorm; verzamelspel. Aan de hand van een opdracht gaan de leerlingen de juiste kaartjes verzamelen.
Trainingshesjes met een transparant zakje erop zijn ideaal bij bewegend leren. Voor tikspellen of verzamelspellen.

5. doelspel

Bewegend leren doelspel. Allerlei ideeën en inspiratie om bewegend leren in verschillende werkvormen in te zetten. Eenvoudige basis die voor meerdere vakgebieden te gebruiken is.

Doelen (of mikken) is waar het in deze spelvorm om gaat. Dat kan natuurlijk met een bal, maar er zijn meerdere varianten mogelijk. Denk bijvoorbeeld aan pittenzakjes, een waterpistool of dartpijltjes (met klittenband 😉).

De variatie, in deze spelvorm, zit vooral in waarop je doelt of mikt. Of je blikken, kegels, flessen (water), stoepkrijt op de muur, een rebounder, een gatendoek, een dartbord, enz. Maar ook een klimrek (eventueel met een zak er aan geknoopt om het op te vangen) of een Funnybalpaal zijn perfect om in te zetten. Denk vooral niet te moeilijk en probeer het simpel en eenvoudig vorm te geven. De meeste scholen hebben tenslotte niet een schuur om alleen maar materialen voor bewegend leren in te zetten.

6. springspel

Springen is natuurlijk super tof en hartstikke gezond! Springen over een mat. In combinatie met kaartjes, dobbelstenen of een draaischijf zijn allerlei verschillende spellen te bedenken; spring een som over de mat, spring het kaartje naar de juiste plek op de mat, dobbel en spring naar de goede plek, dobbel en spring in sprongen van wat je gedobbeld hebt, draai met de draaischijf en spring naar de juiste plek, draai met de draaischijf, reken al springend je antwoord uit, spring het juiste pad over de mat en kijk waar je uitkomt, enzovoort. Geen mat? Met stoepkrijt is dit natuurlijk ook op het plein te tekenen!

Een ander leuk springspel leg ik uit in het blog; kangoeroespel.


7. parcours

Bewegend leren werkvorm parcours voor rekenen, spelling, werkwoordspelling, topo, taal, geschiedenis, aardrijkskunde, woordenschat enz. Inspiratie en ideeën om eenvoudig bewegend en spelend leren vorm te geven.

 

 

Ideaal om je creativiteit eens lekker los te laten gaan. Denk eenvoudig; een hoepel waar je doorheen moet, een klimrek waar je overheen moet, de rekstok waar je onderdoor moet of een zandbakrand waar je over moet balanceren. Met pionnen kun je de route goed begeleiden. Werk jij nou nét op een school die geen zandbak, klimrek, rekstok of ander materiaal heeft dat je kunt inzetten voor een parcours, dan teken je dit gewoon met stoepkrijt! Met hoepels, pionnen en stoepkrijt kun je heel eenvoudig wisselen, waardoor je elke keer een nieuw parcours kan maken.